Werkstuk over bijen

Bijen zijn insecten en hebben zes poten, vier vleugels en een tank. De tank is gemaakt van chitine. Hij is zogezegd het skelet van de bijen. Vrouwelijke bijen hebben een angel op de buik.

Bij de meeste bijensoorten leeft elk dier op zichzelf. Ze worden solitaire bijen genoemd. Ze geven alleen om hun eigen kittens. De groep koekoeksbijen legt hun eieren in vreemde nesten, net als de vogelkoekoek en laat het grootbrengen van de jongen over aan de buitenlandse ouders. (more…)

Werkstuk over Koala

De koala is een zoogdiersoort die in Australië leeft. Hij ziet eruit als een kleine beer , maar in werkelijkheid is hij een van de buideldieren. De koala is nauw verwant aan de kangoeroes . Deze twee dieren zijn de belangrijkste symbolen van Australië. (more…)

Werkstuk over reptielen

Reptielen worden een klasse dieren genoemd die meestal op het platteland leven. Ze omvatten de hagedissen, krokodillen, slangen en schildpadden. Alleen zeeschildpadden en zeeslangen leven in de zee. (more…)

Werkstuk over egels

De egel is een klein zoogdier. Er zijn 25 soorten die in Europa, Azië en Afrika leven. Sommige van deze soorten hebben stekels, anderen niet. Het Duitse woord is al heel oud: Al in de 9e eeuw was er het woord “igil”, wat zoiets betekent als ” slangeneter “. (more…)

Werkstuk over herten

Herten vormen een groot gezin binnen zoogdieren. De betekenis van de Latijnse naam “Cervidae” is “gewei aan toonder”. Alle volwassen hertenmannetjes dragen een gewei. Een uitzondering is het rendier, evenals de vrouwtjes een gewei dragen. Alle herten voeden zich met planten, voornamelijk gras, bladeren, mos en jonge scheuten van naaldbomen. (more…)

Werkstuk over antilope

Antilope is een woord voor bepaalde dieren. Ze lijken op elkaar, maar zijn niet biologisch gerelateerd. De mannetjes hebben gebogen of geringde horens, meestal de vrouwtjes. Maar het zijn geen schapen, geiten of runderen. Ze leven in het wild, dus ze zijn geen huisdieren. Ze leven in kuddes en zijn vegetariërs. Antilopen worden voornamelijk gesproken in Afrika en Azië. (more…)

Spreekbeurt over Ijsbeer

ijsbeerIJsberen hebben een zwarte huid met witte haren. De dikke vacht zorgt ervoor dat een ijsbeer het niet koud krijgt. De enige plaatsen waar geen haren groeien zijn op z’n neus, de kussentjes onder zijn poten en op de lippen. IJsberen hebben ook een dikke vetlaag die hen beschermt tegen de kou. Dankzij hun grote poten met scherpe nagels glijden ze niet uit op het gladde ijs. Aan de onderkant van die poten zitten korte, stijve haren. (more…)

Spreekbeurt over Struisvogel

struisvogelStruisvogels zijn de grootste vogels die er bestaan. Het mannetje kan bijna drie meter hoog worden. De struisvogel heeft een lange nek en lange, sterke poten. Zijn nek en kop zijn bedekt met korte, haarachtige veren.
Het lichaam van het mannetje is bedekt met een zwart verendek, het uiteinde van de vleugelveren is wit. Het vrouwtje is kleiner en is bruin/grijs van kleur. (more…)

Spreekbeurt en werkstuk over Giraffe

GiraffeGiraffen zijn de hoogste dieren van allemaal: de vrouwtjes drie tot vier meter hoog en de mannetjes wel vier tot vijf meter. Dat komt vooral door de lange nek, die trouwens wel, net als onze nek, zeven halswervels heeft. Die van de giraf zijn dus alleen een heel stuk groter. Op de kop staan twee tot zelfs zeven ‘horentjes’. Dit zijn met huid bedekte uitgroeisels van de schedel. De mannetjes hebben een erg zware schedel. Ze gebruiken dat zware hoofd bij onderlinge gevechten.

(more…)

Spreekbeurt over Kameel

kameel met twee bultenKamelen kunnen zo’n 2,5 meter hoog worden en 3,5 meter lang (met uitgestrekte hals). Wilde kamelen zijn iets kleiner dan tamme kamelen. Opvallend zijn natuurlijk de twee bulten op zijn rug, waar een vetvoorraad in zit (dus geen water zoals veel mensen denken!) De bulten vormen een voedselvoorraad voor moeilijke tijden.
De vacht is bruin, met vooral op de nek en de rug lange haren. In het voorjaar verliezen de kamelen hun wintervacht in grote plukken tegelijk. Ze zien er dan een beetje slordig uit. (more…)

Spreekbeurt over Wolf

wolfWolven zijn familie van de huishonden. Ze kunnen erg verschillen van kleur en grootte. De meeste wolven hebben grijze of bruine haren. ‘s Winters is hun vacht dikker dan in de zomer. De kleur van de vacht verschilt per leefgebied. In Noord-Amerika komen veel wolven voor met een zwarte vacht; de wolven die in de buurt van de poolgebieden leven zijn juist weer bijna helemaal wit van kleur. (more…)

Spreekbeurt over Siberische tijger

Siberische tijgers zijn de grootste en de sterkste van alle katachtigen. Ze hebben een groot, zwaar en sterk lichaam. Ze zijn dus gebouwd op het vangen en doden van grote prooien. Aan de poten zitten stevige, scherpe klauwen die ze kunnen uitslaan. Ze hebben ronde oren die zwart zijn aan de achterkant met een witte stip in het midden. Hun dikke wintervacht is lichter van kleur dan de zomervacht. (more…)

Spreekbeurt over Orang oetan

Orang oetanDe orang oetan is één van de vier soorten mensapen. Net als de andere mensapen en de mens hebben ze geen staart. Ze zijn makkelijk te onderscheiden van de chimpansees, de bonobo’s en de gorilla’s, want de orang oetan heeft als enige lang, rood haar. (more…)

Spreekbeurt over Ooievaar

OoievaarEr zijn verschillende soorten ooievaars. De gewone ooievaar is de bekendste. Het zijn grote vogels met lange poten, een lange nek en een lange stevige snavel. De poten en de snavel zijn rood van kleur. De veren zijn zwart met wit. Ooievaars kunnen meer dan één meter hoog worden.

Er is bijna geen verschil te zien tussen de mannetjes en de vrouwtjes. Mannetjes zijn iets langer. Deze vogels zijn gebouwd om door ondiep water te lopen. Hun tenen zijn voorzien van zwemvliezen zodat ze stevig in het water kunnen staan. (more…)

Spreekbeurt Kleine panda

Kleine pandaDe kleine panda is 35 tot 40 centimeter groot. Van zijn kop tot zijn staart is de panda 80 tot 110 centimeter lang. Zijn staart is dus net zo lang als de rest van zijn lichaam. De panda’s hebben een dikke, roodbruine vacht met witte en zwarte vlekken. Deze vacht beschermt hen goed tegen de kou. Ze kunnen hierdoor wel slecht tegen de warmte van de zon. Het is dan ook een schemerdier. Dit betekent dat hij vroeg in de ochtend en avond actief is. Op deze momenten van de dag is het namelijk minder warm. De kleine panda is een goede klimmer en brengt zijn tijd vooral door in bomen. Hun poten zijn breed en hebben nagels die ze gebruiken bij het klimmen. Onder de voetzolen zitten haren waardoor ze minder snel uitglijden op natte takken. Ook beschermt die vacht onder de poten deze tegen de kou. Als een panda loopt, loopt hij met een kromme rug en zijn staart in de lucht. (more…)

  • Pagina 1 van 2
  • 1
  • 2
  • >